- Een levensgroet -

een levensgroet

de rode borstveertjes

het tuimelende liedje

de geur van verse sneeuw

een levensgroet

de blije sprong van een hart

de lage zon op een bed

een levensgroet

 

- Bij het binnenkomen -

Bij het binnenkomen in het Gasthuis

Verandert het landschap in helderheid

De stilte is hoorbaar aanwezig

Dwars door de geur van vers opgemaakte bloemstukjes

Bij het binnenkomen in het Gasthuis

Voel je: het is warm hier, ik ben hier welkom

Hoe grijs het buiten soms mag zijn, licht schijnt uitnodigend

Bij het binnenkomen in het Gasthuis

- Mooie voetjes -

De pedicure kwam voor mevrouw. meneer zat het hele gebeuren te volgen en zei tegen zijn vrouw: 'Zo, nu ga je met mooie voetjes de hemel in.

De pedicure, die zich toch al ongemakkelijk voelde in het Gasthuis, graaide haastig haar spullen bij elkaar en zei: 'Dag, tot ziens.'

Waarop meneer zei: 'Dat denk ik dus niet meer.'

- Kwaliteit -

Kwaliteit, minder hoeft niet meer. Je geeft je boodschappen zorgvuldig op; geen kaas, maar gorgonzola, geen leverworst, maar paté de foie gras.

Ver van je geboorteplek op de Balkan. Ver van de vertrouwde stemmen van je jeugd. Deze laatste weken deel je je verleden met ons. Je laat ons ook zien dat je voor jezelf het beste mag kiezen en aan anderen hulp mag vragen.

Ongevraagd haal ik de duurste kersen van de markt. Ik proef, ze smaken naar mijn jeugd. Hoe jij ervan geniet, is meer dank dan ik verdien. Ik zou het mijn vader gegund hebben.

- Voorjaar -

's Ochtends schijnt de zon nog ongehinderd door de bomen diep de kamer in. Een lichtbad voor de hele dag.

Als ik zou mogen koken voor deze mensen zou ik vreugdevol de pannen laten rammelen, de groente snijden en mij verheugen op de vrolijkheid van ieders voorjaarsgevoel.

Als ik het voor het zeggen had, werd de zomertijd niet afgeschaft. Lekker lang licht, ook in de winter. Dat is natuurlijk niet zo, maar het voelt zo.

- Vijf minuten -

'Mevrouw D... ik kom even bij uw bed zitten en zie dat u het allemaal niet goed meer weet.'

'Ik voel me bang', zegt u, 'ik weet niet zo goed hoe ik moet sterven...

Ik voel uw ranke, maar sterke hand in mijn hand. 'Nu niet... maar misschien over vijf minuten...?'

U kijkt me aan met een klein glimlachje en zucht even diep. 'Ja... misschien over vijf minuten...'